‘Europe de l’Enfance’ buigt zich over kinder- en jeugdrechten
Meer aandacht voor jongerenparticipatie op maat, meer samenwerking en wetenschappelijk onderzoek en meer middelen voor voorschoolse voorzieningen. Dat zijn de voornaamste verlangens van de experts op het jeugdcongres ‘Europe de l’Enfance’. Zij bogen zich drie dagen lang over de nieuwe EU-strategie Rechten van het Kind en de verschillende beleidsagenda’s op het vlak van kinder- en jeugdbeleid en kinderrechten.
Tijdens de conferentie in Antwerpen kwamen experts van verschillende overheden op het vlak van kinder- en jeugdbeleid en kinderrechten samen met vertegenwoordigers van nationale, Europese en internationale NGO’s.
Ze debatteerden over drie belangrijke onderwerpen voor het Belgische EU-voorzitterschap:
- De Europese en internationale beleidsagenda’s op het vlak van kinder- en jeugdbeleid en kinderrechten.
- De EU-strategie over de Rechten van het Kind die eraan komt in november 2010.
- ‘Voorschoolse voorzieningen’ (ECEC, Early Childhood Education and Care).
Beleidsagenda’s kinder- en jeugdbeleid en kinderrechten
De deelnemers aan de conferentie kwamen tot vijf gezamenlijke boodschappen:
- Kinderrechten leggen te veel nadruk op bescherming, jeugdbeleid legt te veel nadruk op participatie. Die scheiding moet genuanceerd worden.
- Er is nood aan meer wetenschappelijk onderzoek om het beleid te ondersteunen.
- Er is nood aan meer samenwerking tussen de Europese Unie, de Raad van Europa, de Verenigde Naties, en ook binnen de individuele intergouvernementele organisaties.
- Kinderarmoede kan niet opgelost worden met een betere ondersteuning van de ouders, maar enkel door de structurele problemen aan te pakken die armoede veroorzaken.
- Participatie is meer dan consultatie: kinderen moeten betrokken worden bij het beleid met informatie die aan hun leeftijd is aangepast.
EU-strategie Rechten van het Kind
In afwachting van een nieuwe mededeling van de Europese Commissie over een EU-strategie voor de Rechten van het Kind, hebben de experts geluisterd naar de stand van zaken van de voorbereidingen.
De aanwezige experts vonden het erg spijtig dat de consultatie rond de nieuwe strategie niet aangepast was voor kinderen. Daarnaast vonden ze ook dat de strategie een minder beschermend perspectief zou moeten hebben en meer aandacht moet hebben voor participatie.
De strategie zou ook een duidelijk onderscheid moeten maken tussen de verschillende beleidsniveaus.
Voorschoolse voorzieningen
De deelnemers benadrukten het belang van voorschoolse voorzieningen, zoals kinderopvang. Ze stellen voor om minstens 1% van het BBP (Bruto Binnenlands Product) te investeren in voorschoolse voorzieningen.
Het is belangrijk dat voorschoolse voorzieningen toegankelijk zijn en gepromoot worden voor alle kinderen. Daarbij moeten ouders wel steeds de vrije keuze krijgen om er al dan niet gebruik van te maken.