In het kort...
- adviesorgaan voor de Europese instellingen
- betrekt werkgevers, werknemers en andere vertegenwoordigers van het maatschappelijk middenveld bij de Europese besluitvorming
- 344 leden
- Mario Sepi
- Brussel
Het Europees Economisch en Sociaal Comité in Brussel
Het Economisch en Sociaal Comité (ESC) vindt zijn oorsprong in het Verdrag van Rome (1957). Het ESC groeide vanuit de ambitie om economische en sociale belangengroepen te betrekken bij de Europese besluitvorming. Dit leidde tot een breed scala van actoren die binnen het ESC functioneren.
Rol
Thema’s waarover het ESC zich buigt zijn veelal van maatschappelijke en sociale aard zoals onderwijs, interne markt en milieu.
In de praktijk
Het ESC telt 344 politiek onafhankelijke leden uit alle Europese lidstaten. De nationale overheden dragen hun kandidaat-leden voor. Zij krijgen een benoeming voor vijf jaar die kan vernieuwd worden. De leden zijn onderverdeeld in 3 grote groepen: “werkgevers”, “werknemers” en een minder homogene groep: “diverse belangen”. Deze laatste bestaat vooral uit vertegenwoordigers van sociaaleconomische en culturele organisaties, alsook van burger- en beroepsorganisaties.
Het Comité kiest voor een periode van tweeënhalf jaar een voorzitter uit zijn midden, samen met een bureau. Daarin zetelen, naast de voorzitter, ook nog twee vicevoorzitters, drie groepsvoorzitters, de afdelingsvoorzitters en 27 rechtstreeks verkozen leden, één per lidstaat.
Het EESC beschikt over 6 gespecialiseerde afdelingen die de adviezen inhoudelijk voorbereiden.
Wist je...dat dankzij een rotatiesysteem de verkozen voorzitter en de vicevoorzitters telkens uit andere belangengroep komen?