Alleen een samenleving die investeert in onderzoek en ontwikkeling (O&O), is in staat om mee te stappen in een snel veranderende wereld. Vlaanderen is klaar om die uitdaging aan te gaan. De O&O-intensiteit, die het percentage berekent van het bruto-inkomen dat een regio aan onderzoek en ontwikkeling besteedt, toont dat Vlaanderen zich in de Europese subtop bevindt. De nieuw ontwikkelde producten en diensten halen naar schatting een kwart van de totale omzet van de Vlaamse ondernemingen. Micro-elektronica, biotechnologie en communicatietechnologie zijn enkele van de speerpunten van Vlaanderen.
Ondernemingen werken nauw samen met de Vlaamse kenniscentra. Ondernemers kunnen van de diensten van een kenniscentrum gebruikmaken om een specifiek technisch probleem op te lossen, technologische innovatie te begeleiden of producten te testen.
Binnen de Vlaamse kenniscentra onderscheiden we de strategische onderzoekscentra en de competentiepolen. Strategische onderzoekscentra voeren vraaggedreven strategisch basisonderzoek uit met het oog op economisch of maatschappelijk potentieel dat in de nabije toekomst kan worden gerealiseerd. Het zijn samenwerkingsverbanden met een internationale scope en een vaste infrastructuur. Competentiepolen slaan de brug tussen economie en technologische innovatie. Die organisaties zijn bottom-up ontstaan en bundelen krachten uit verschillende sectoren, meestal in de vorm van privaat-publieke samenwerkingsprojecten.
